Het meisje dat een verkrachting verzon

Vandaag wil ik jullie een verhaal vertellen over een naïef meisje en hoe een kleine, op het eerste gezicht onschuldige handeling een compleet leven kan beïnvloeden.

1996. Dertien was ze. Zo dun als een spriet, met dik, sluik haar dat tot halverwege haar rug hing. Onzeker, naïef en kinderlijk onschuldig. Woorden als ‘seks’, ‘seksualiseren’ en ‘sexy’ kwamen in haar woordenboek niet voor. Als op de televisie twee mensen met elkaar zoenden, keek ze met een rood hoofd naar de grond en ze prefereerde spelen met barbies boven giechelen over jongens.

Het was een warme zomerdag en ze wilde gaan zwemmen in het plaatselijke zwembad. Hoe hard ze ook probeerde; niemand had zin om mee te gaan, dus besloot ze alleen te gaan. Dat vond ze ontzettend stoer van zichzelf, want onzeker als ze was, vond ze zoiets doodeng.
Het volgende dilemma dat zich voordeed, was dat ze geen badpak had. Ze had net een groeispurt doorgemaakt en haar oude badpak was te klein. Gelukkig bood haar moeder hulp; ze mocht een badpak van haar lenen. Het was een felgroen exemplaar met ribbeltjes. Het meisje vond hem prachtig. Het ding was bij haar liezen misschien wat hoger opgesneden dan haar oude badpakken, maar daar lette zij niet op. Het enige dat zij zag, was een mooi groen badpak.

Eenmaal in het zwembad vond ze het heerlijk. Ze ging van de glijbaan, zwom wat rond en hing wat in het bubbelbad. Na een tijdje merkte ze dat ze steeds werd gevolgd door een groepje jongens. Ze waren iets ouder dan zij en maakten onderling – maar luid genoeg zodat zij het kon horen – opmerkingen over haar ‘oversekste badpak’. Ze probeerde ze een beetje te ontwijken, maar steeds als het meisje van de glijbaan ging waren zij daar toevallig ook en dat gold ook voor het buitenbad en de stroomversnelling. Na een tijdje sprak één van de jongens haar aan en verontschuldigde zich voor zijn vrienden. Hij was vriendelijk. Ze raakten aan de praat, het ging over koetjes en kalfjes en ze kwam er achter dat hij zestien was; drie jaar ouder dan zij. Toen zijn vrienden maar niet ophielden met hen lacherig uit te joelen, stelde hij voor om even naar zijn kluisje te lopen. Hij wilde een kauwgumpje pakken en zo hadden ze wat meer rust om te kletsen. Het meisje stemde in.

Eenmaal bij de kluisjes, bleven zijn vrienden om hen heen draaien en uiteindelijk duwde hij haar een kleedhokje in. ‘Zo, nu hebben we geen last meer van ze’.
Direct voelde het meisje zich niet meer op haar gemak. Buiten, waar iedereen hen kon zien vond ze het gezellig om met deze jongen te kletsen, maar hier in dit benauwde hokje voelde ze zich toch niet zo fijn. Bovendien was hij op het klapbankje gaan zitten dat de deurtjes aan beide zijden dichthield, dus ze kon niet zo makkelijk weg. Ze voelde zich opgesloten in de kleine ruimte. Ze raakte een beetje in paniek en ging tegen de achterste wand aan staan, bij hem vandaan. Hij lachte en vroeg waarom ze nou ineens zo deed.
En toen gebeurde het.
‘Ben je soms bang dat ik daar aan ga zitten?’ zei hij spottend.
Bij het woord ‘daar’, schoot zijn hand recht naar voren en met twee vingers raakte hij haar aan. “DAAR”.

Het was een vluchtige aanraking, een streling, het duurde niet langer dan een halve seconde.
Het stelde niets voor.
Het was grappig bedoeld.
Het was onschuldig.

Het meisje raakte volledig in paniek.
Op hetzelfde moment stond de jongen op en zo snel ze kon bukte ze naar voren, klapte het bankje omhoog en rukte het deurtje open. Ze stormde het kleedhokje uit en dook in het water.
Afspoelen, ze moest zich afspoelen!
Ze voelde zich vies en smerig en voelde zijn vingers de hele tijd “DAAR”.
Nadat ze een tijdje in het water had gelegen in een poging het gevoel weg te spoelen, bedacht ze wat ze nu moest doen. Ze wilde dit ‘oversekste’ badpak uittrekken en naar huis.
Aan de andere kant van het zwembad begon het groepje weer te joelen en dichter bij haar in de buurt te komen. In paniek klom ze uit het water en rende naar de badmeester. Ze deed hortend, stotend en vol schaamte haar verhaal, precies hoe het gegaan was.

Daarna ging alles heel snel. Ze moest zich aankleden, haar vader werd gebeld en ze moest een signalement geven van de jongen. Eerst kwamen ze met de verkeerde aanzetten – hij had wel dezelfde zwembroek maar het was hem niet – maar uiteindelijk visten ze de goede uit het zwembad. In een kantoortje vond een gesprek plaats waar ze zich nog maar weinig van kan herinneren.
De eerste echte herinnering is van een paar dagen later, toen ze weer naar school ging. Ze liep met een vriendin vanaf de bus richting het schoolgebouw toen een meisje dat ze niet kende haar ineens aansprak. “Hey, jij bent toch dat meisje dat is verkracht?”
Ze was zo verbaasd, dat ze geen antwoord kon geven. Verkracht? Ze wist wel wat dat betekende, maar zoiets had ze nooit gezegd. Hoe kwam dat meisje daar bij? En dan nog; stel dat het wel waar zou zijn, hoe ongelofelijk bot is het dan om zoiets zomaar te vragen?

Later, nadat meer mensen achter haar rug fluisterden, giechelden en haar dezelfde vraag stelden, recht in haar gezicht, begon het haar te dagen.
Die jongen uit het zwembad.
Zijn vrienden hadden hem natuurlijk gevraagd wat er aan de hand was, waarom hij in dat kantoortje moest komen. Waarschijnlijk was zijn antwoord iets in de trant geweest van: “Ja, dat achterlijke kind heeft dus gewoon gezegd dat ik haar heb verkracht ofzo. Wat een psycho!” Waarop zijn vrienden dan misschien wel verontwaardigd hadden geknikt, want inderdaad; zoiets zou hun vriend tenslotte nooit doen. Hoe durfde dat kind! Ze zouden die psycho-bitch wel eens een lesje leren!

De weken daarna was het leven van het meisje een hel. Als ze over straat liep, werd ze regelmatig aangestaard en uitgescholden voor ‘aandachtshoer’. Door mensen die ze helemaal niet kende. Die háár helemaal niet kenden.

Het dieptepunt was toen ze op een dag door de winkelstraat liep en ineens omsingeld werd door een groepje jongeren. Het kunnen er vijf geweest zijn, of tien, ze weet het niet meer. Ze begonnen aan haar kleren en haren te trekken en haar te slaan. Eén van hen had een blikje sinas in zijn handen (of haar handen, dat kan ook) en goot dat leeg over de haren van het meisje, terwijl de rest van de groep haar vasthield.

Hoe ze thuis is gekomen weet ze niet meer. Hoe het daarna verder is gegaan, weet ze niet meer en ook hoe de jongen heette of hoe hij er uit zag is ze ondertussen vergeten. Dat doet er ook niet toe: ze waren kinderen en die doen en zeggen nu eenmaal dingen die niet altijd even goed doordacht zijn. (Het zijn wat dat betreft net volwassenen.)
Eén ding wist ze wel. Binnen de kleine gemeenschap van hun dorp, waar iedereen elkaar kende en roddels sneller en gemener waren dan lopend vuur, zou ze voortaan bekend staan als het meisje dat een verkrachting verzon. Terwijl ze in werkelijkheid het meisje was over wie iemand anders had verzonnen dat zij een verkrachting verzon.
En er was nog iets dat ze wist. Als iemand haar voortaan ongewenst aan zou raken, zou ze haar mond houden.

Het was een vluchtige aanraking, een streling, het duurde niet langer dan een halve seconde.
Het stelde niets voor.
Het was grappig bedoeld.
Het was onschuldig.
Maar het veranderde alles en had verregaande gevolgen voor haar verdere leven.

Wordt vervolgd…

Een gedachte over “Het meisje dat een verkrachting verzon

  1. Ik kan me voorstellen hoe het meisje zich voelde; hoe ze zich nu misschien nu nog kan voelen wanneer ze eraan denkt. Dat gevoel heeft naar mijn weten nog geen naam of beschrijving, maar bovenstaand verhaal weet het toch pijnlijk duidelijk te schetsen. Complimenten!

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s